Posts Tagged ‘10-4-20’

10-4-20 ending

November 29, 2009

(10-4-20: The Language Game – ending)
(draft 2009-10-26)
It is just appropriate that, as the last verb, the “lottery model” that I used delivered “zwijgen”, which means “be silent, fall silent”.

het grappige is dat nu misschijn ik ga niet meer het Nederlands gebruiken.
the funniest part is that now maybe I will no more use Dutch.

maar het leren van een nieuwe taal altijd grappige is.
but learning a new language is always funny.

mistakes? certainly.
fouten? zeker.

maar je moet lopen voor je rennt
but you have to walk before you run.

nu ik kan lezen en begrijpen πŸ™‚
now I can read and understand πŸ™‚

wat u weet zal u niet vergeten.
what you know you shall not forget.

als ik zal het Nederland nog altijd gebruiken, zal ik meer schrijven.
if I will still use Dutch, I will write something more.

toch, succes met uw Nederlands leren activiteiten
anyway, good luck with your Dutch learning activities

ik zal alweer online zijn… met een andere taal!
I will once again be online… with another language!

Advertisements

10-4-20_20 will I remember?

November 23, 2009

(10-4-20: The Language Game – Part 20 of 20)
(draft 2009-10-26)
First, the verbs.

Then, the English original

Finally, my attempt, followed by all the comments that either mark the mistakes or propose a new version πŸ™‚

The verbs

breken, brak, h i gebroken
to break
gaan, ging, i gegaan
to go
herinneren, herinnerde, h herinnerd
to recall, remember, remind
laden, laadde, h geladen
to load
nemen, nam, h genomen
to take
scheppen, schiep, h geschapen
to create
springen, sprong, h i gesprongen
to burst, explode, jump, leap, spring
veranderen, veranderde, h i veranderd
to alter, change
wensen, wenste, h gewenst
to wish

x

zwemmen, zwom, h i gezwommen
to swim

will I remember?

break [breken] the waves while swimming [zwemmen]
jump [springen] to go [gaan] on top (bovenop)
but remember [herinneren]: do not overload (te zwaar beladen) yourself
take [nemen] your time to alter [veranderen] your routine.
and you will create [scheppen] what you wish [wensen].

zal ik het me herinneren?

Breek de golven terwijl je zwemt.
Spring om bovenop te gaan
maar herinner: belaad jezelf niet te zwaar
neem je tijd om jou routine te veranderen
en je zal scheppen wat wenst je.

10-4-20_19 riding the bycicle

November 16, 2009

(10-4-20: The Language Game – Part 19 of 20)
(draft 2009-10-26)
First, the verbs.

Then, the English original

Finally, my attempt, followed by all the comments that either mark the mistakes or propose a new version πŸ™‚

The verbs

branden, brandde, h gebrand
to burn
fietsen, fietste, h i gefietst
to bicycle
helpen, hielp, h geholpen
to help
lachen, lachte, h gelachen
to laugh
mogen, mocht, h gemogen
to be allowed to, be permitted to, like, may
schenken, schonk, h geschonken
to bestow, give, pour
spreken, sprak, h gesproken
to speak
vechten, vocht, h gevochten
to fight, struggle
wegen, woog, h gewogen
to consider, ponder, weigh
zoeken, zocht, h gezocht
to look for, seek

riding the bycicle

Do you ride a bicycle [fietsen]?
It helps [helpen] to burn [branden] some fat.
Actually, also laughing [lachen] is a nice exercise for your heart.
You are allowed [mogen] to speak [spreken], and look [zoeken] for some fun.
You can donate [schenken] some jokes, instead of considering [wegen] to fight [vechten].

fietsen

Fiets je?
Het help om soms vet te branden.
Trouwens, is ook het lachen een leuke oefening om je hart.
Je mag spreken, en om sommige grap zoeken.
Je kun sommige grappen schenken, in plaats van wegen om te vechten.

10-4-20_18 sailing

November 9, 2009

(10-4-20: The Language Game – Part 18 of 20)
(draft 2009-10-26)
First, the verbs.

Then, the English original

Finally, my attempt, followed by all the comments that either mark the mistakes or propose a new version πŸ™‚

The verbs

braden, braadde, h gebraden
to fry, grill, roast
eten, at, h gegeten
to eat
heffen, hief, h geheven
to levy (taxes), lift, raise
kunnen, kon, h gekund
to be able to
moeten, moest, h gemoeten
to be obliged to, have to, must
scheiden, scheidde, h i gescheiden
to die, divide, divorce, sever, take leave
spijten, speet, h gespeten
to be (feel) sorry
varen, voer, h i gevaren
to sail, travel (by boat)
wassen, waste, h gewassen
to wash
zitten, zat, h gezeten
to be sitting, sit

sailing

I am sorry [spijten].
But I am not yet able [kunnen] to take leave [scheiden].
Setting sail [varen] would be nice.
to sit [zitten] on a deck-chair, while some fresh fish fries [braden].
I could eat [eten] it now!
Of course- washed [wassen] up with a good wine.
Will I have to [moeten] raise [heffen] funding for the fish or for the wine?

afvaart

Het spijt me.
Maar ik kun nog niet scheiden.
Het varen zou leuk zijn.
Zitten op een dekstoel, wanneer braadt sommige frise vis.
Ik zou er nu moeten eten!
Naturlijk- gewassen met een goede wijn.
Zal ik moeten fonds om de vis of de wijn te heffen?

10-4-20_17 are you playing?

November 2, 2009

(10-4-20: The Language Game – Part 17 of 20)
(draft 2009-10-26)
First, the verbs.

Then, the English original

Finally, my attempt, followed by all the comments that either mark the mistakes or propose a new version πŸ™‚

The verbs

bouwen, bouwde, h gebouwd
to build
dwingen, dwong, h gedwongen
to compel, force
hebben, had, h gehad
to have
kruipen, kroop, h i gekropen
to crawl, creep
mijden, meed, h gemeden
to avoid, shun
ruiken, rook, h geroken
to smell
spelen, speelde, h gespeeld
to play
vangen, ving, h gevangen
to capture, catch
wandelen, wandelde, h i gewandeld
to stroll, walk
zinken, zonk, i gezonken
to sink

are you playing?

Sometimes you are compelled [dwingen] to play [spelen] a certain role.
Do you want to buld [bouwen] something?
Or do you want to sink [zinken]?
Don’t crawl [kruipen] to avoid [mijden] a problem.
I smell [ruiken] a rat.
But I have [hebben] an idea.
Take a walk [wandelen]!
catch [vangen] some new, useful ideas.

speelt u?

Soms dwingt u om een zekere rol te spelen
Wil u iets bouwen?
Of wil je zinken?
Kruip niet om een probleem te mijden.
ik ruik lont
ik heb een idee.
Wandeel!
Vangt weinige nieuwe en nuttige ideΓ«en

10-4-20_16 wait!

October 26, 2009

(10-4-20: The Language Game – Part 16 of 20)

First, the verbs.

Then, the English original

Finally, my attempt, followed by all the comments that either mark the mistakes or propose a new version πŸ™‚

The verbs

blijven, bleef, i gebleven
to remain, stay
duwen, duwde, h geduwd
to push, stove
hangen, hing, h gehangen
to hang
krijgen, kreeg, h gekregen
to acquire, get, obtain, receive
meten, mat, h gemeten
to measure
roken, rookte, h gerookt
to smoke
spannen, spande, h gespannen
to span, strain, stretch, tighten
vallen, viel, i gevallen
to fall
wachten, wachtte, h gewacht
to wait
zingen, zong, h gezongen
to sing

wait!

stop pushing [duwen] it!
stay [blijven] there!
also if it is no match for your strength [meten]
but if it falls [vallen]?
it depends [hangen].
It is more difficult than singing [zingen] while smoking [roken]
Make an effort. [spannen]
Maybe you will have to wait [wachten] before you can receive [krijgen] another one.

wacht!

duwen niet!
blijf daar!
ook als kan het zich niet met je meten
maar als valt er?
het hangt ervan.
Het is moeilijker dan het zingen terwijl je rookt.
inspan jezelf.
Misschien zal je willen wachten voor je kun een ander krijgen.

10-4-20_15: fill the form!

October 19, 2009

(10-4-20: The Language Game – Part 15 of 20)

First, the verbs.

Then, the English original

Finally, my attempt, followed by all the comments that either mark the mistakes or propose a new version πŸ™‚

The verbs

blijken, bleek, i gebleken
to be evident,be obvious,turn out that
duren, duurde, h geduurd
to continue,endure,last
halen, haalde, h gedaald
to fetch,get,go for
kost, kostte, h gekost
to cost
maken, maakte, h gemaakt
to do,make a bid
roepen, riep, h geroepen
to call,shout
snijden, sneed, h gesneden
to carve,cut
trekken, trok, h getrokken
to draw,go,march,migrate,pull,tug
vullen, vulde, h gevuld
to fill
zijn, was, geweest
to be

fill the form!

did you call [roep]?
if you want to draw [trekken] a prize
it is obvious [blijken]: at least, it continues [duren] to be [zijn].
fill [vullen] the form!
it costs[kosten] nothing
you have just to fetch it up [ophalen], and you can cut [snijden] the part that you do not want.
at least, do [maken] a study to know the feasibility πŸ˜€

vul de vorm!

heb je geroepen?
als wil je een prijs trekken
het blijkt: ten minste, duurt het om te zijn
vul de vorm!
het kost niets
je moet gewoonweg er ophalen, en je kan het deel snijden dat je niet wilt.
ten minste, maak een studie om de doenbaarheid te weten πŸ˜€

10-4-20_14: It snows

October 12, 2009

(10-4-20: The Language Game – Part 14 of 20)

First, the verbs.

Then, the English original

Finally, my attempt, followed by all the comments that either mark the mistakes or propose a new version πŸ™‚

The verbs

blazen, blies, h geblazen
to blow
drukken, drukte, h gedrukt
to press, oppress, weigh upon, print
haasten, haastte zich, h zich gehaast
to hurry
kopen, kocht, h gekocht
to buy
lukken, lukte, i gelukt
to succeed
rijzen, rees, i gerezen
to rise
sneeuwen, het sneeuwde, het h gesneeuwd
to snow
treffen, trof, h getroffen
to hit, strike, meet
vragen, vroeg/vraagde, h gevraagd
to ask (for), invite
zien, zag, h gezien
to see

It snows

hurry up [haasten]! look [zien]! it is already snowing [sneeuwen]!
it was printed [drukken] today in the newspaper.
for once, it was worth buying [kopen].
if the winds succeeds [lukken] to blow [blazen] it away…
our friends that we met [treffen] today?
we should have [vragen] asked them!
hopefully, it will not rise [rijzen] too much.

Het sneeuwt

Haast! Zie! het sneeuwt!
Het had vandaag op de krant afgedrukt.
Voor deze keer, het was waardig te kopen.
als de wind lukt om te het weg blazen…
onze vrienden dat we vandaag troffen?
we zouden hun moeten vragen!
hopelijk, het zal niet te veel rijzen.

10-4-20_13: Tastes good

October 5, 2009

(10-4-20: The Language Game – Part 13 of 20)

First, the verbs.

Then, the English original

Finally, my attempt, followed by all the comments that either mark the mistakes or propose a new version πŸ™‚

The verbs

binden, bond, h gebonden
to tie
drinken, dronk, h gedronken
to drink
groeien, groeide, i gegroeid
to grow
komen, kwam, i gekomen
to come
luisteren, luisterde, h geluisterd
to follow, listen (to), obey
rijden, reed, h gereden
to drive, ride
smaken, smaakte, h gesmaakt
to taste
tellen, telde, h geteld
to count
vouwen, vouwde, h gevouwen
to fold
zetten, zette, h gezet
to put, set

Tastes good [smaken]

How do you tie [binden] and grow [groeien] a good business relationship?
To drink [drinken] something together? It is a good idea.
But while you taste [smaken] your drink, set [zetten] aside enough time, before you count [tellen] on a positive result.
Or you can ride [rijden] the usual way: listen [luisteren], and come [komen]… for countless further “matches”, before you can fold [vouwen] that page with the agreement πŸ™‚

Smaakt goed

Hoe bindt en groeit u een goede zaake verhouding?
Iets samen drinken? Het is een goede idee.
Maar terwijl u smaakt uw drankje, aan de kant zet genoeg tijd, voor u telt op een positief resultaat.
Of u kunt als gewoonlijk rijden: luister, en kom voor talloos meer “wedstrijden”, voor u kunt dat pagina vouwen met het contract.

10-4-20_12 An unexpected broadcast

September 27, 2009

(10-4-20: The Language Game – Part 12 of 20)

Last week the first 50% was done! So, from this week, a slightly different format.

First, the verbs.

Then, the English original

Finally, my attempt, followed by all the comments that either mark the mistakes or propose a new version πŸ™‚

The verbs

bijten, beet, gebeten
to bite
dringen, drong, gedrongen
to crowd,penetrate,pierce,press,push,urge
groeten, groette, gegroet
to greet
koken, kookte, gekookt
to boil, cook
lopen, liep, gelopen
to run,run (trains, clocks, machines, rivers, etc),walk
repareren, repareerde, gerepareerd
to repair
sluiten, sloot, gesloten
to close,lock,shut
tekenen, tekende, getekend
to characterize,draw,mark,sign
volgen, volgde, gevolgd
to follow,take (a course)
zenden, zond, gezonden
to broadcast, send

An unexpected broadcast [zenden]

I must bite [bijten] something.
I should cook something [koken].
I have to sketch a map [tekenen]: they haven’t yet repaired the road [repareren].
Oh! they are broadcasting [zenden] the newsflash.
There is a strike.
A nice greeting [groeten]!
Will all the shops be closed [sluiten]?
They (will) follow [volgen] the same path!
I must walk [lopen] fast! I have no time (lit: the time presses)![dringen]

een onverwachte uitzending

Ik moet iets bijten.
Ik zou iets moeten koken.
Ik zal een landkaart tekenen: ze hebben nog niet de straat gerepareerd.
Och! Ze zenden de korte nieuwsmededeling.
Een leuke groet!
Zullen alle winkels sluiten zijn?
De stakers volgen dezelfde weg!
Ik moet sneller lopen! De tijd dringt!